De vlag is gewassen en opgevouwen, ik leg hem weg in afwachting van de volgende 4 en 5 mei. Herdenken we alleen op deze twee dagen respectievelijk slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog en onze vrijheid?

In 1970 had ik als tienjarige  nog geen idee van de betekenis van 4 mei. Voor mij was het vooral een spannende dag want om acht uur ’s avonds gingen de oudere jongens uit mijn buurt languit op de Rozenlaan in Rotterdam liggen om zo automobilisten twee minuten tot stilstaan te dwingen. Ik mocht meedoen maar wel op een veilige plek, tussen hen in. Terwijl ik liggend naar de hemel keek dacht ik: ik ken geen gevallenen uit de oorlog. Ik ken alleen opa die dood is, laat ik maar aan hem denken.

Toen wist ik nog niet dat we vanaf onze geboorte deel uitmaken van systemen zoals ons gezin, familie, vrienden, school, werk en land. Al deze systemen hebben hun eigen cultuur, hun eigen regels en wetten. Een aantal van deze wetten en regels zijn zichtbaar en expliciet, maar meestal zijn deze regels en wetten onzichtbaar en impliciet. Al deze systemen hebben invloed op ons. Maar onze familie en de voorgaande generaties hebben een doorslaggevende invloed op hoe wij ons leven ervaren en leven. Kinderen of kleinkinderen van voorouders die een oorlog hebben beleefd dragen soms de gevolgen zonder dat ze dit realiseren. In deze situaties kunnen betrokkenen gedragingen of patronen vertonen die eigenlijk niet van hen zijn en die raakvlakken vertonen met voorouders tot vijf generaties terug. Word ik daarom zo verdrietig als ik op een ere begraafplaats kom of het nu Margraten is of Loenen? Inmiddels weet ik dat mijn grootvader in de oorlog is gevlucht en dat hij was ondergedoken. Na de oorlog keerde hij ziek terug en vond zijn vrouw met een kind op schoot dat niet van hem was. Hij wees haar stante pede de deur en bleef met zijn drie dochters achter. Er zijn mij vooral halve waarheden ter ore gekomen. Weinig heroïsche daden. Wel gefluister over dat kind op schoot.Ondertussen sprak mijn grootvader niet over de oorlog, zijn dochters mondjes maat. Maar wegstoppen of zwijgen helpt niet. Zonder meer heeft de geschiedenis psychische gevolgen gehad voor de generaties erna.

 

Afgelopen zaterdag las ik in dagblad Trouw dit interview met Edith Eva Eger, de ballerina van Auschwitz. Hoe vaak wordt niet gezegd dat God niet bestaat anders had hij niet laten gebeuren wat in de oorlog is gebeurd. Was ik daarom zo ontroerd door de woorden van Edith Eva Eger: Geloof me, ik heb mijn vuist naar de hemel gebald, maar één ding is zeker … God heeft mijn ouders niet vermoord. Mensen hebben dat gedaan. En God zorgde ervoor dat mijn woede omsloeg in medelijden. Niemand werd geboren om te haten. Ik koos voor de liefde, in plaats van haat. Het is liefde die me heeft gered. Het is de liefde die me in leven houdt.

Afgelopen weekend las ik ook over de vlijmscherpe randjes van de herdenkingscultuur. Over de kritiek van een groep mensen op het startpunt van de ‘Nacht van de vluchteling’ bij Herinneringscentrum Kamp Westerbork in Hooghalen: De ernst van de Holocaust met zijn ongehoord gruwelijke vernietigingskampen en miljoenen vermoorde mensen is zo heftig, dat hij niet met andere ellende vergeleken kan worden. Uitermate disrespectvol om die plek in juni als startpunt te nemen voor een solidariteitswandeling voor hedendaagse vluchtelingen. Herinneringscentrum Westerbork zelf werkte juist graag mee aan dit initiatief. Herinneren gaat voor de voorstanders van de wandeling over twee sporen: terugkijken naar de historie en tegelijk zien hoe we in het heden voorkomen dat iets dergelijks nog eens gebeurt. Dat doortrekken naar het heden maakt herdenken van het verleden voor hen extra zinvol.

Ik kan alleen maar aangeven wat ik vind. Juist met betrekking tot de veelgehoorde uitspraak na de WOII “Dit mag niet weer gebeuren …” zie ik situaties over de hele wereld waarbij ik denk, wat hebben we dan geleerd van al die gruwelen? Of het nu over Syrië gaat of welke oorlog dan ook; of het nu over Mensenrechten gaat; de ongeregeldheden in Venezuela, het bouwen van een muur door Trump om Mexicanen tegen te houden? Zeer treffend vind ik de visie van eerdergenoemde Edith Eva Eger: De vijand staat helemaal niet aan de grens, de vijand is onder ons. In eerste instantie werden op 4 mei alleen de in de Tweede Wereldoorlog omgekomen Nederlandse militairen en verzetsstrijders herdacht. Schoksgewijs werden de definities wie vereerd moest worden aangepast. Zo denk ik dat het goed is om hierover in gesprek te blijven. We kunnen leren van ons verleden, in het ogenblik komen verleden en toekomst bij elkaar. Laten we het geleerde blijven doorgeven. Want gelukkig zijn er bij alle mensonwaardige situaties in de wereld ook andere geluiden, mensen die hulp bieden. Laten we ons blijven realiseren dat we in dit land kunnen en mogen nadenken. Blijf opmerkzaam, neem niet klakkeloos aan wat om je heen gebeurt. We hoeven niet te zwijgen en mogen onze mening geven. In vrijheid. Daarom blijf ik de vlag wassen, opvouwen en jaarlijks uit de kast halen.

 

Maassluis, 6 mei 2019